Travel diary – zuid west Uganda en de berggorilla’s

Indringend kijkt hij ons aan, de grote silverback berggorilla. Al bijna een uur zitten we op nog geen twee meter afstand van een berggorilla familie in Bwindi impenetrable forest. Wat een ervaring, kippenvel en een brok in ons keel. Wat is het machtig om deze dieren van zo dichtbij te kunnen observeren. Na bijna een uur vindt de grote baas het tijd om zijn familie bij elkaar te roepen en verder het bos in te gaan. Hij staat op en pas dan zien we hoe enorm groot dit dier is. Hij gromt en slaakt wat kreten en de vrouwtjes om hem heen komen in beweging. En daar gaan ze, de grote silverback, de vrouwtjes, de baby’s. We volgen ze nog een paar minuten en zien ook opa zitten. Zijn plaats als hoofd van de groep is inmiddels overgenomen en dus zit hij bescheiden wat verderop. Ons uur zit erop, we laten de familie weer alleen en wij beginnen aan de twee en half uur durende terugtocht.

We hebben lang getwijfeld of we deze activiteit wilden doen want 700 dollar per persoon is niet niks. Maar wat zijn we blij dat we dit gedaan hebben. Nooit besparen op onvergetelijke ervaringen!

De gorilla’s zijn een absoluut hoogtepunt van onze route door zuid west Uganda maar dit hele gebied is meer dan prachtig. Nadat we mama op het vliegtuig hebben gezet, rijden we zelf richting Fort Portal. We zien de Rwenzori mountains in de verte opdoemen. De hoogste piek heeft zelfs sneeuw! Vanuit het westelijke Fort Portal slingeren we ons een weg richting Lake Edward. Het mooie Queen Elizabeth national park grenst aan dit meer en we vinden een kampeerplek tegen het park aan. Deze plek is echt magisch. Er zijn geen hekken en dus dolen de nijlpaarden, leeuwen, hyena’s en wrattenzwijnen ‘s nachts door het kamp. Het leven in het wild is spannend en machtig tegelijk. We verdelen ons weer over de daktenten, wat betekent dat Meindert met de jongens slaapt en ik met Anna. Mocht er dan ‘s nachts paniek zijn dan is er altijd een volwassene bij de kinderen. We dopen een flesje om tot toilet zodat we ‘ s nachts ook niet uit de tent hoeven. Het klinkt allemaal heel spannend maar we zijn goed voorbereidt. Zo kunnen we vooral genieten van de geluiden om ons heen.

En dan is het eindelijk zover, we zien onze vrienden Wouter en Rinkje weer! Nadat we elkaar in Tanzania gedag hebben gezegd zijn zij richting Kenia gegaan en wij naar Uganda om mama op te halen. Nu zien we elkaar weer om samen de gorilla’s te doen. Het fijne is dat we nu op elkaars kinderen kunnen passen omdat kinderen pas vanaf 15 jaar mee mogen.

En andere leuke bijkomstigheid is dat we samen schoentje kunnen zetten en pakjesavond vieren. Mama had een echte juten zak mee en pepernoten die we bewaard hebben tot dit moment. De omgeving helpt mee want in de hoge bergen van Bwindi is het koud en dus staat de openhaard aan. We zingen samen Sinterklaasliedjes en dan opeens worden er pepernoten gestrooid. De kinderen weten niet wat ze meemaken. Ieder kind één cadeautje en een gedicht en wat zijn ze blij! Een beetje Sinterklaas in Uganda, hoe bijzonder is dat!

We besluiten om met Wouter en Rinkje nog één bestemming samen te doen voordat onze wegen zich weer scheiden. We verblijven in een prachtige lodge op de heuvels rond Lake Bunyonyi. We maken een boottocht over het grote en vooral diepe meer. Met 900 meter is dit meer het op drie na diepste meer ter wereld. We krijgen informatie over de vele kleine eilandjes in het meer. Vooral lepra eiland en punishment eiland maken indruk. Naar de laatste werden vrouwen gebracht die voor het huwelijk zwanger waren geworden. De honger- of verdrinkingsdood waren je lot.

Het afscheid van Wouter en Rinkje en vooral de kinderen valt weer zwaar. Geen idee wanneer we ze weer zien. In deze onzekere wereld blijft het maken van lange termijn plannen lastig.

Wij vervolgen onze weg terug naar Tanzania om over een paar dagen de grens met Zambia over te steken.

Met het einde van onze reis in zicht, besluiten we om deze maand even een break van social media en het nieuws te nemen. Weer even volle focus op wat we aan het doen zijn. Deze bijzondere reis als gezin.

Travel diary – Noord Oost Uganda met oma

This diary is in Dutch. Luckily there’s Google translate!

5 november 2021. Zenuwachtig zitten we in de auto naar het vliegveld van Entebbe. Over enkele minuten land het vliegtuig waar mama inzit. Twee weken lang gaat ze met ons meereizen en gaan we samen het noord oosten van Uganda ontdekken. De kinderen houden het bijna niet meer. Gelukkig hoeven we niet lang te wachten. Na negen maanden vliegen de kinderen weer in oma’s armen. Het allergrootste nadeel van reizen is dat je familie moet missen. Wat is het dan fijn en extra bijzonder om elkaar weer te zien.

Mama’s grootste wens is om met ons mee te reizen zoals wij reizen. Dus stoer klimt ze erbij op de achterbank. We verdelen haar kleren over de kledingbakken van de kinderen en de pyjama gaat in de daktent. De eerste dag is meteen typerend voor een lange reis. We moeten ongeveer de hele dag wachten omdat Randy Lover in de garage is. Maar wat maakt het uit, we zijn samen. We spelen spelletjes en genieten er vooral enorm van weer samen te zijn. Als de auto het weer helemaal doet (Mama had nieuwe shocks mee uit Nederland) gaan we op pad. Het eerste weekend bestaat vooral uit het bezoek aan vrienden. Toen ik hier in 2007 enkele maanden onderzoek deed, is mama ook al gekomen. Die eerste dagen zijn daarom een feest van herkenning.

Meest bijzonder is het weerzien met Charity. Als 14 jarige leerden we haar in 2007 kennen. We hebben toen haar school een aantal jaren betaald waarna ze kleuterjuf is geworden. Hiernaast werkte ze in een weeshuis en heeft ze zelf twee jongens geadopteerd. Inmiddels heeft ze ook een eigen zoon gekregen. In december 2019 overlijdt haar zusje in het kraambed en krijgt Charity de zorg over de pasgeboren tweeling. De meisjes wegen amper twee kilo maar moeten dezelfde dag nog mee naar huis. De eerste vier dagen krijgen ze slechts gekookt water. Een half jaar geleden is Charity’s jongste dochter geboren. Dit maakt het gezin van 6 kinderen compleet. Vader toont geen verantwoordelijkheid en is vrijwel uit beeld. Doordat de scholen ivm covid al bijna twee jaar dicht zijn, is er geen inkomen. Toch lukt het Charity de boel draaiende te houden. Wat een power vrouw. We zijn onder de indruk van waar ze woont. Mama heeft een koffer vol kleding bij zich en al snel voltrekt zich een modeshow voor onze neus.

Na dit fijne eerste weekend in de drukke stad rijden we richting het noorden, de natuur in. Het avontuur gaat echt beginnen. We zien het landschap veranderen in de voor Uganda typerende groene heuvels met rode wegen. Onze eerste overnachting is meteen bijzonder. We slapen middenin een neushoornreservaat. Terwijl mama haar eerste nacht in de daktent slaapt, zijn we getuige van een neushoorn gevecht vlak naast de tent. Welkom in Afrika mama!

We vervolgen onze weg naar Gulu. Deze stad in het noorden van Uganda was in 2007 het epicentrum van NGO’s die met hun grote 4X4’s de vluchtelingenkampen in de regio bezochten. Dit hele gebied was volledig onbegaanbaar door de activiteiten van het leger van de Heer. Toentertijd mijn eerste ervaring met een vluchtelingenkamp. 14 jaar later is het Leger van de Heer gelukkig al jaren verdwenen en is Gulu een bruisende stad. Wat is dat fijn om te zien! Na een heerlijke nacht op een wederom prachtige plek rijden we naar Kidepo national park in het uiterste noord oosten van Uganda. Naast dat het park meer dan prachtig is, is deze plek voor ons memorabel. Het is namelijk het noordelijkste punt van deze reis. Vanaf hier keren we om en zullen we weer zuidwaarts rijden.

Kidepo is een landschap van kilometers lange savanne tegen een decor van glooiende bergen. De acacia bomen typeren het uitzicht wat je kent uit de de film de Lion King. We zien heel veel bokjes, buffels, zebra’s en wrattenzwijnen. Als mama voor het eerst van haar leven giraffen in het wild ziet, is het avontuur compleet. We missen de grote katten zoals leeuwen en luipaarden maar het blijft de natuur en daarin laten dieren zich nou eenmaal niet op commando zien.

Van deze prachtige natuur, storten we ons vol in de cultuur. We rijden dwars door Karamajaland, het gebied dat behoort aan de Karamajong. Een nomadisch volk dat leeft zoals ze altijd hebben gedaan. We bezoeken een dorp en hebben duizend vragen. Zowel wij als de Karamajong kijken onze ogen uit. Wij omdat we zoveel zien dat zo onbekend is en de Karamajong vooral omdat ze nooit witte mensen zien en omdat Meindert en mama wel heel dichtbij elkaar lopen. In de Karamajong cultuur zie je je schoonmoeder nooit, dat brengt ongeluk. Nu snappen we waar alle schoonmoeder grapjes vandaan komen!
Als we ‘s avonds met drie Karamajong jongens om het kampvuur zitten en verhalen delen, beseffen we ons weer hoever wij verwijderd zijn van de natuur met onze malle overvolle agenda’s en individualistische levenswijze.

Een prachtige maar heel uitdagende weg vol prachtige uitzichten leidt ons naar het gebied van de Sipi watervallen. We maken een ontzettend mooie wandeling langs de watervallen en dwars door de bananenplantages. De kinderen willen eigenlijk blijven spelen bij een grot die we passeren want ze zijn onderzoekers geworden. Het is zo heerlijk om de kinderen zo te zien groeien en bloeien in de natuur. Meindert zei laatst nog wat een enorm verschil wanneer de kinderen in de natuur zijn of in een hotelkamer. Soms overnachten we om verschillende redenen in een hotel of guesthouse. En het is waar. Binnen zijn de kinderen minder creatief en verveelder dan wanneer ze lekker buiten zijn.

Onze laatste stop voordat we ons weer in de drukte van Kampala begeven, is Jinja. We vinden een camping genaamd The Haven en dat is het. Een prachtige plek aan de oevers van de Nijl. Natuurlijk moeten we de Nijl weer even op. Geen rapid 5 rafting dit keer maar een rustige kayaktocht over die immense rivier.

En dan zit het er bijna op. De tijd met mama is omgevlogen maar wat hebben we veel gedaan! Onze laatste twee nachten zijn bijzonder. We slapen nog een nachtje in het dorpje waar Charity vandaan komt. We helpen mee water halen, koken en spelen samen. Onze allerlaatste nacht brengen we door bij het mooie Rainbow project. Oprichter Michael is een bekende en is al vaker in Nederland geweest. Zijn project richt zich op het ontdekken en ontwikkelen van talenten van kinderen op muzikaal, sportief en creatief gebied. Zo heeft hij in de afgelopen twintig jaar al duizenden kinderen een plek gegeven. Een aantal van hen speelt inmiddels in internationale orkesten of grotere voetbalclubs. We zien met eigen ogen het enthousiasme van de grote groep (meer dan honderd) kinderen die dagelijks bij dit project komen. Helemaal nu de scholen in Uganda nog dicht zijn.

Met een drankje genietend aan de rand van het zwembad van het Marriott hotel in Entebbe, blikken we terug op twee heerlijke weken samen. Het was zo bijzonder en tegelijk zo vertrouwd. Wat voelen we ons bevoorrecht dat we dit leven mogen leven en dit op deze manier met onze ouders kunnen delen. Ondanks dat papa er niet fysiek bij was, reisde hij via FaceTime met ons mee. Iedere dag even beeld bellen om te laten zien waar we waren. Liefde betekent af en toe loslaten en papa en mama laten zien hoe mooi en belangrijk dit is. De liefde spat er na 45 jaar huwelijk nog steeds af. Het is heerlijk dat wij daar weer even getuige van mochten zijn.

Travel diary – Noord Tanzania

Ruim drie weken geleden hebben we de witte stranden en de warme blauwe Indische oceaan achter ons gelaten. Wat hebben we een heerlijke tijd gehad op Zanzibar. Anna heeft haar junior Padi open water gehaald en mag nu tot 12 meter duiken. Wat zijn we trots op haar en wat is het te gek om samen de onderwaterwereld te ontdekken. Onze laatste week op Zanzibar brengen we door in het toeristische noorden waar we met Wouter en Rinkje een prachtig huis gehuurd hebben. Wat een verschil is Nungwe Beach met het rustige Jambiani. Grote resorts sieren de horizon. Het is mooi dat we ook dit deel van Zanzibar gezien hebben maar doe ons maar de oostkust.

In Dar es Salaam herenigen we ons weer met Randy Lover. Het probleem met de brandstofregelaar is door de fantastische garage verholpen en hij is nog nooit zo schoon geweest. Hij is weer klaar voor duizenden kilometers over de rode Afrikaanse aarde. Met Wouter en Rinkje rijden we richting Kilimanjaro. We nemen de tijd en staan onderweg op prachtige plekken in het bergachtige landschap. Onderweg hapert de gehuurde Landcruiser van Wouter en Rinkje en wil niet meer starten. Als door een wonder, staan er meteen wat mannen om de auto die hem naar een garage aan de overkant van de straat brengen. Eigenlijk merken we dit heel veel in de landen waar we komen. Ook al kom je stil te staan in de middle of nowhere, er is altijd direct hulp. We staan vlakbij een kerk en worden spontaan uitgenodigd om om de nacht op het terrein voor de kerk door te brengen. Wat een gastvrijheid! Gelukkig kan de auto gemaakt worden en rijden we de volgende morgen verder.

Via een adembenemende route komen we aan bij een camping in de bergen. We hebben een prachtig uitzicht en maken een mooie wandeling. Het kamperen met twee gezinnen is een feest. De kinderen zijn de hele dag non-stop aan het spelen terwijl de volwassenen zorgen voor het eten. En dat is een dagtaak voor tien personen kan ik je vertellen. We schuiven de ochtend van vertrek dan ook graag aan bij het meer dan fantastische ontbijtbuffet. Er is kaas! Zelfgemaakt brood, jam, yoghurt en zoveel meer. We eten onze buik vol.

Na een paar heerlijke dagen gaan we verder naar het gebied rond de Kilimanjaro. We vinden een supermooie camping met uitzicht op mount Meru en de Kilimanjaro. De twee giganten van Tanzania. Met de kinderen sluiten we een pact dat we op een dag samen naar de top van de Kilimanjaro klimmen. We maken plannen voor de laatste week in Tanzania voordat we naar Uganda vertrekken en weer afscheid nemen van Wouter en Rinkje. Na veel wikken en wegen besluiten we om samen Tarangire national park te bezoeken. De park fees zijn hier fors, heel fors. Voor ons gezin betalen we inclusief overnachting in het park een kleine 600 euro voor 24 uur.

We gaan ervoor. We zijn er nu en willen er dan ook alles uithalen wat erin zit. Natuurlijk reizen we met een budget, maar ook dat is relatief. Als je iets heel graag wilt zijn er altijd mogelijkheden. 24 uur Tarangire zijn geweldig. Wat een mooi park en wat zien we veel dieren! We observeren leeuwen, olifanten en giraffen van enkele meters afstand. We zitten middenin een wildebeest migratie en slalommen ons een weg tussen de vele zebra’s en antilopen door. Het blijft iedere keer weer magisch om deze dieren in hun omgeving te zien.

En nu zitten we op de vloer van het covid test gebouw te wachten op de uitslag van onze PCR tests zodat we Uganda in mogen. Klaar voor weer een nieuw land. Alhoewel Uganda voor mij (Gerdien) bekend terrein is, kan ik niet wachten om de parel van Afrika aan Meindert en de kinderen te laten zien.

Back in paradise

This blog is in Dutch but can magically change to any language, using Google translate

Wakker worden van de klotsende golven op het strand en de opkomende zon op je gezicht. Wat is het leven toch een droom. We zijn inmiddels ruim een week op het prachtige, tot de verbeelding sprekende, Zanzibar. De dagen rijgen zich aaneen met spelen op het strand, zwemmen in het zwembad en heel veel kitesurfen.

Nadat we in Dar es Salaam aangekomen zijn, gaan we direct naar een garage voor de Land Rover. De drie dagen durende rit is pittig. We rijden voornamelijk achter heel langzaam rijdend vrachtverkeer. Wanneer de weg ons echter dwars door een National park leidt en we vlak naast ons verrast worden door zebra’s, giraffen en talloze bokjes, vergeten we de rit al snel. Wat een verrassing! We trakteren onszelf op fijne accommodaties onderweg zodat we uitgerust aan de volgende dag beginnen.

De garage stelt gerust en wekt vertrouwen. Zoveel dat we hals over de kop besluiten om de volgende ochtend direct de boot naar Zanzibar te pakken terwijl de Land Rover in de garage gefixt wordt. In Dar es Salaam wanen we ons weer even in een heel westerse wereld, gaan naar de bioscoop en struinen langs een scala aan eettentjes.

En dan Zanzibar, wow! Wat een heerlijk paradijs. Franse vrienden die we in Malawi ontmoet hebben, hebben al een kamer voor ons geboekt dus we komen in een gespreid bedje. We leven op het strand en in het water. Scharrelen ‘s avonds wat eten op straat en genieten van kilo’s watermeloen en ananas. De hoofdactiviteit is kite surfen. We willen het hier echt onder de knie krijgen. Met bijna dagelijks goede omstandigheden (voldoende wind) kunnen we hier echt meters maken. Zelfs Fedde is gestart en vindt het geweldig.

We ontmoeten veel andere reizigers dus het is iedere dag feest. Er zijn ontzettend veel kinderen in verhouding tot de andere plekken waar we geweest zijn en dat is voor onze kinderen natuurlijk fantastisch. Ze spelen met alle nationaliteiten en hebben zo de grootste lol.

Voorlopig vermaken we ons berebest hier. Na Likoma island in Lake Malawi, voelen we ons ook hier weer enorm thuis. Dat eiland leven trekt ons wel…. Toch moeten we de tijd een beetje in de gaten houden en plannen we richting fantastisch bezoek uit Nederland. Voor nu is het nog twee weken genieten van zon, zee en strand voordat we weer naar het vasteland gaan.

We hopen dat iedereen die dit leest, minimaal net zo aan het genieten is want dat is leven lieve mensen.

Likoma island – Malawi

Wanneer je paradijs Googled dan is Likoma island wat je zou moeten zien. Kristalhelder en azuurblauw water, witte stranden, bloeiende bougainville, knisperend wit bedlinnen en die heerlijk relaxte eiland cultuur. Wij hebben de ongelofelijke mazzel om ongeveer twee maanden in dit paradijs te wonen.

Malawi hebben we nooit geassocieerd met witte stranden en blauw water. Doordat het land geen kustlijn heeft, is dit blijkbaar de verwachting. Wanneer je echter bij Lake Malawi aankomt, blijkt het tegendeel waar. Dit prachtige meer is zo groot dat je al snel het gevoel hebt aan de kust van een oceaan te zitten. Maar dan stap je in het heerlijke water en besef je dat het niet zout is. En dat is helemaal een bonus! Alhoewel ik de zilte gloed over mijn lijf na een dag aan het strand best kan waarderen, moet ik toegeven dat zoet water wel heel erg fijn is. Zwemmen onder water met je ogen open en geen touwhaar aan het eind van de dag.

Likoma island is alleen bereikbaar met de Ilala, de beroemde veerboot die al 70 jaar mensen en middelen rond het meer rondvaart. Of per privévliegtuig of boot voor de rich en famous. De charme van de Ilala heeft voor ons echter de voorkeur. De ongeorganiseerde chaos waar toch iedereen zijn plek kent en waarvan je nooit precies weet hoe laat je vertrekt of aankomt. Go with the flow. Ons motto en dat heeft ons al op heel veel mooie plekken gebracht.

We zijn nu bijna twee weken op Likoma en deze bestonden vooral uit ontzettend veel gezelligheid. Samen met een Frans gezin, een stel uit Zuid Afrika en Andrew, de fantastische eigenaar van de plek waar we zitten, was het iedere dag feest. Boottochten bij volle maan, kampvuren, ontelbare sundowners, mooie gesprekken tijdens heerlijke maaltijden en onze kinderen die ondanks de taal barrière met de Franse meiden, oneindig samen spelen.

Nu iedereen vertrokken is en wij op de huizen (Tree house & beach lodge) passen integreren we meer en meer in het lokale leven. Meindert staat een paar keer in de week om half 6 ‘s morgens op het voetbalveld en heeft gister voor het eerst weer eens drumstokken in zijn handen gehad. Ik ga met iemand van de staff langs scholen om voorlichting te geven over de menstruatiecup en leer het lokale eten maken. De kinderen vinden het heerlijk op deze plek en spelen wat af.

Eigenlijk verdient dit eiland zoveel meer bekendheid. Het kan met gemak wedijveren met bekende tropische plekken als de Malediven en Bora Bora in Frans Polynesië. Maar hoeveel toeristen wil je? Hoe puur kan een plek blijven wanneer het overspoeld wordt door toeristen? Nu zie je misschien twee keer per maand een vliegtuigje, wat als dat iedere dag wordt? Nu zie je nauwelijks motorboten en roeien de vissersboten geruisloos voorbij. Maar meer inkomsten zullen zorgen voor meer motorboten. Kunnen economische groei, welvaart en het behoud van deze prachtige plek hand in hand gaan? Interessante vragen die ons de komende weken bezig houden.

Ondertussen oriënteren we ons voorzichtig op het vervolg van de reis na Likoma. Dit zal medio augustus zijn. We willen nog ontzettend graag het prachtige noorden van Malawi ontdekken. Hierna ligt alles nog open en dat is juist het mooie.

Liwonde Wildlife, Dedza Pottery & Dzalanyama forest

Zittend aan een kabbelend beekje met in de verte het gebulder van een waterval, genieten we hier van weer een compleet andere omgeving in Malawi. Wat blijft dit heerlijke land ons steeds verrassen. Een paar dagen geleden sliepen we nog in een boomhut terwijl de olifanten en hyena’s onder ons doorliepen en nu zitten we midden in het bos. Met de ouders van Meindert hebben we een prachtige tijd gehad en ook zij zijn onder de indruk van het mooie Malawi.

Liwonde is een prachtig en uitgestrekt wildpark drie uur rijden ten zuiden van de hoofdstad Lilongwe. Vlakbij de ingang, maar in het park ligt Kutchire lodge. Een supermooie plek volledig gerund door Malawi’s. Ze hebben verschillende overnachtingsmogelijkheden maar als de kinderen de boomhut zien is de keuze snel gemaakt. Wat een avontuur om zo hoog te slapen met een fantastisch uitzicht. Direct na aankomst staat een heerlijke warme lunch klaar waarna we meegenomen worden voor een sunset cruise. Nog maar een paar minuten op de boot zien we meteen twee reusachtige Buffalo’s. Die hebben we nog nooit zo dichtbij gezien! Daarnaast een groep nijlpaarden die zich weinig aantrekken van onze boot. Wat een mazzel. Deze twee giganten op slechts enkele meters afstand. De natuur vanaf het water bekijken blijft prachtig omdat je veelal op dezelfde ooghoogte zit. Zo zien we ook nog een aantal krokodillen en een visarend die op een lage tak heerlijk aan het genieten is van zijn avondeten. De volgende ochtend staan we om half zes op voor een ochtendrit door het park. We hopen op leeuwen op cheetahs maar zien ze jammergenoeg niet. Wel staan we oog in oog met een mooie kudde olifanten en zien we genoeg waterblokken, nyalas, impalas en kudus. Later op de dag proberen we ons geluk nog eens maar de katachtigen hebben geen zin zich te laten zien. De gids is echt geweldig en doet enorm zijn best maar helaas zonder resultaat. Al blijft het volgen van sporen en speuren naar dieren altijd te gek en spannend.

We blijven twee nachten in Liwonde en laten ons heerlijk verwennen. Bij de overnachting zitten ook drie maaltijden per dag en die zijn zeer smakelijk. Vanuit het park rijden we door naar de oude hoofdstad Zomba omdat Anna supergraag de aller lekkerste pizza aan opa en oma wil laten proeven. Alhoewel we zelf al een keer in Zomba geweest zijn is het heel leuk weer terug te zijn en de omgeving prachtig. We slapen bij Pakachere en lopen vanuit hier in tien minuutjes naar de enorme markt down town. Een heerlijke mengelmoes van producten, geuren en kleuren. Alles is zo mooi en met zorg uitgestald dat het zeer uitnodigt tot kopen.

Vanuit Zomba rijden we naar Dedza, bekend om zijn pottenbakkerij. Als we aankomen zijn we meteen verliefd. Naast de grote pottenbakkerij is er een restaurant en zijn de kamers heerlijk comfortabel met een prachtig uitzicht. Op 1800 meter is het beduidend kouder maar onder lekkere dikke dekens en met ons buik vol van een heerlijke maaltijd, slapen we als rozen. De volgende ochtend mogen we zelf proberen wat te maken van klei. Wat is het superleuk om met een echte draaischijf tot bekers, kommen en schaaltjes te komen. Zelfs Ids lukt het iets te maken.

Onze laatste bestemming met de ouders van Meindert is Dzalanyama. Een nog onontdekt plekje, twee uurtjes rijden ten westen van Lilongwe. Hier, kamperen we naast de rivier terwijl de ouders van Meindert in een prachtig huisje op palen slapen. We maken urenlange wandelingen en klaverjassen bij het kampvuur. Wat een prachtige afsluiting van twee heerlijke weken samen!

Nadat we met veel tranen de ouders van Meindert weer op het vliegtuig zetten, rijden wij door naar Senga Bay. Er wacht een nieuw avontuur op ons!

Senga Bay & Cape Maclear

Feest, verjaardagen en de aankomst van Meindert’s ouders. Een week vol feest, taart en verrassingen. Meindert en Anna vieren allebei hun verjaardag. We besluiten daarom nog een weekje bij Anneke en familie in Senga Bay te blijven. Anneke kan vreselijk lekkere taarten bakken en haar dochter Sophie is de queen of birthdays. Die geniet enorm van het maken van cadeautjes en versieringen. Zo hebben Meindert en Anna allebei een verjaardag om nooit te vergeten.

Het is heerlijk om nog een weekje te chillen in Senga Bay. Het vissersplaatsje aan Lake Malawi leren we een beetje kennen doordat Anneke en Hartmut ons meenemen naar de kerk, en een paar restaurants. Wanneer je met zo’n groot wit gezelschap van twee gezinnen door het dorp loopt ben je een ware bezienswaardigheid. Overal drommen groepen kinderen samen die ons begroeten en het vooral erg grappig vinden. We lopen langs het strand vanwaar de vissersboten iedere dag om 16.00 uur vertrekken om de hele nacht te gaan vissen. Wat een hard leven! Ik vraag me af wanneer deze mannen slapen als ze ‘s morgens weer aankomen en dan nog de netten moeten schoonmaken, vis moeten drogen etc. Niet veel is het antwoord. Hier en daar een uurtje tussendoor.

De tijd bij Anneke en Hartmut vliegt voorbij. Als dank voor ons verblijf willen we de mensen die bij Anneke en Hartmut werken graag bedanken. Volgens Anneke kunnen we dan het best een kip geven. Gewoon naar de markt in Salima een half uurtje verderop om kippen te kopen. Meindert neemt de taak op zich en vertrekt met de dochters van Anneke en Hartmut en Fedde & Ids richting Salima. Fedde & Ids doen alsof dit de dagelijkse boodschappen zijn en houden de kippen vast alsof ze nooit anders doen. De kinderen een ervaring rijker en dan mannen blij met hun kip.

En dan is het eindelijk zover. Na dagen opgebouwde spanning rijden we naar het vliegveld in Lilongwe om de ouders van Meindert op te halen. De kinderen zijn super zenuwachtig en staan met hun vellen papier – welkom in Afrika lieve opa & oma – klaar bij de aankomsthal. Niet veel later zijn ze daar. Knuffels, tranen en heel veel blijdschap. De kinderen worden overspoeld met cadeautjes uit Nederland en we likken onze vingers af bij de kaas en drop die uit de koffers komt. Het lijkt wel pakjesavond.

De volgende dag vertrekken we richting Cape Maclear. Een dorpje aan de zuidkant van Lake Malawi en bekend om een prachtig natuurgebied waar je tussen de cichlids (prachtige gekleurde vissen) kunt zwemmen. Voor COVID-19 was Cape Maclear de backpackersbestemming van Malawi en waren de lodges en barren dagelijks gevuld. Nu is het uitgestorven en merk je ook hier weer hoe hard het nodig is dat toeristen deze plek weer weten te vinden. We slapen op een prachtige plek direct aan het meer. De ouders van Meindert lopen vanuit hun strandhuisje zo het meer in en wij hebben vanaf een hoger gelegen grasveld een prachtig uitzicht over Lake Malawi.

Lake Malawi is in 1980 door UNESCO als world heritage site aangeduid vanwege zijn extreem diverse biodiversiteit. Er zijn meer dan 1000 soorten vissen te vinden in het meer en zeer regelmatig worden nieuwe soorten ontdekt. Nergens anders in de wereld vind je zoveel biodiversiteit. Gelukkig zijn een aantal plekken in het meer beschermd want overbevissing is ook hier een groot probleem. De groeiende populatie van Malawi is voor het meer geen positieve ontwikkeling. Één van de beschermende plekken is het National park bij Cape Maclear. Een aantal eilandjes waar de cichlids nog in grote getalen aanwezig zijn. In het crystalheldere water snorkelen we tussen vissen met alle kleuren van de regenboog. Het is alsof je in een aquarium zwemt. Op de terugweg varen we langs de eerste nederzetting van Dr. David Livingstone. Totaal vervallen en geen plek waar ooit een toerist komt. In Europa had dit waarschijnlijk een toeristische trekpleister van formaat geweest.

Vanuit Cape Maclear rijden we naar Mangochi waar we nog een nachtje bij Michiel verblijven. We kijken samen naar de eerste wedstrijd van het Nederlands elftal en moeten echt nog even in de EK sfeer komen. Daar krijg je hier natuurlijk echt niks van mee. Hoe dichtbij Nederland vaak is door het contact met familie en vrienden, zo ver is het wanneer je merkt dat je echt geen enkele EK hit herkent. De volgende dag in de auto zetten we de EK playlist dan ook maar op en zingen we uit volle borst mee, hopende dat Nederland een beetje mee kan doen dit toernooi.

Likoma island Malawi

Het voelt alsof de ene prachtige deur na de andere zich voor ons opent. We zijn ruim drie maanden onderweg en onze reis is een aaneenschakeling van hoogtepunten. We zijn zo vreselijk hard aan het genieten dat het een droom lijkt. We leven onze droom. En dat wordt deze week helemaal versterkt doordat we echt op de aller allermooiste plek ooit zijn.

Likoma eiland in Lake Malawi. Alleen te bereiken per privé vliegtuigje of met de beroemde Ilala, de veerboot die wekelijks duizenden mensen en vracht vervoert over het meer. De Ilala is een ervaring op zich. De kinderen rennen al de hele middag heen en weer vanuit de tuin van Anneke, waar we al een paar dagen verblijven, naar het strand vanwaar je de Ilala aan ziet komen. Als de boot eindelijk in zicht is sjouwen we onze spullen naar het strand en wachten tot de eerste boten met mensen van de boot af komen. De kunst is om zoveel mogelijk mensen en spullen in één keer naar de kant te krijgen. Door de diepte kan de Ilala niet aanmeren en worden de laatste paar honderd meter in kleine bootjes afgelegd. Op iedere vluchtboot bestemd voor 22 personen zit zeker 60 man inclusief enorme pakken bagage. Er is geen perfect moment om zelf in één van de bootjes te gaan. Je kiest een moment en dan ga je ervoor. Wanneer Hartmut, de man van Anneke, het teken geeft ontstaat er direct een soort systeem. Één volwassene waant zich eerst door het water om op de boot de kinderen aan te pakken. Ik maak de fout door automatisch mijn jurkje omhoog te tillen zodat het niet drijfnat wordt en het hele dorp het uitgiert van het lachen om die witte azungu billen. Op het bootje hijs ik 1 voor 1 de kinderen naar binnen. Het is chaos, het is gekte maar ook adrenaline als we even later met alle spullen op en over elkaar heen op de reddingsboot zitten die ons naar de Ilala brengt. Daar aangekomen is het wachten op een plaatsje voor de metershoge trap die je aan boord brengt. Het krioelt van de bootjes en vaak is het me niet duidelijk of er nou mensen op of af gaan. Overal armen, benen, geschreeuw en vooral veel hulp. We worden door onbekenden de Ilala opgehesen. Met touwen komen onze tassen en proviand omhoog en dan proosten we even later aan de bar op het topdek op het feit dat onze reis gaat beginnen.

We slapen met zijn vijfen in een tweepersoonscabine wat voor ons krap is maar in vergelijking met de rest van de boot luxe. Overal liggen, staan en zitten mensen. Als we de deur van de cabine opendoen struikel je letterlijk over de mensen die op de keiharde stalen vloer, zichzelf met dekens tegen de wind beschermend, proberen te slapen. Het is een enorme ervaring om dit systeem, dat al 70 jaar intact is, te aanschouwen.

Na 17 uur varen komen we aan op Likoma island. Het water kraakhelder, de lucht blauw. Andrew, vriend van Anneke en Hartmut haalt ons met zijn bootje op van de Ilala en voert ons naar zijn gloednieuwe strandhuis. We mogen 3 nachten logeren in het paradijs. Deze ultra luxe plek is bijna klaar om verhuurd te worden en wij genieten hier nu al van. Drie dagen zwemmen, snorkelen, kanoën en suppen we. De kinderen zitten in hun eigen Robinson Crusoe film en spelen met de twee dochters van Hartmut en Anneke. Ze kennen elkaar pas enkele dagen maar bewegen zich als een onafscheidelijk groep van vijf over het eiland.

En nu liggen we weer in onze benauwde cabine op de Ilala. Het is twee uur ‘s nachts en de boot ligt al vier uur stil bij Nkotha Kota. Een normale duur want in het pikdonker gaan hier honderden mensen van en aan boord en worden er vooral duizenden kilo’s gedroogde vis heen gebracht. De pakketten van een vierkante meter wegen 240 kilo. Ze moeten door minimaal 8 man aan boord gehesen worden. En nu gaat er dus een groot aantal van deze pakketten af. Gemiddeld ligt de boot zo’n 6 uur in deze haven wat betekent dat we over ongeveer twee uurtjes doorvaren naar Senga Bay, waar we rond 11 uur morgenochtend aankomen. Hier wonen Anneke en Hartmut en gaan we ons voorbereiden op twee verjaardagen deze week. Meindert en Anna mogen allebei kaarsjes uitblazen. Daar gaan we een groot feest van maken!

Mulanje mountain & Lake Malawi

“Mulanje is eigenlijk een verbastering van het woord Mulenje”, legt de gids ons uit terwijl we hijgend op 1600 meter hoogte staan. Mulenje betekent jager in het chiChewa, de taal van Malawi. “Mijn grootouders jaagden nog op deze berg” vertelt hij. En dus heet de berg zo die we heldhaftig aan het beklimmen zijn. Op onze rug slaapzakken, pannen, borden, bestek en kleding. Gelukkig is er een drager mee voor het eten. We zijn onderweg naar een berghut op 1850 meter hoogte waar op brandhout na niks aanwezig is. De eerste echte hike met Anna, Fedde en Ids. Het is afzien en genieten tegelijk. De klim van 700 naar 1850 meter is pittig. We doen er ruim 6 uur over maar lopen langs de meest prachtige vergezichten.

Malawi associeer je misschien niet zo snel met bergen, toch is Mount Mulanje met zijn top op ruim 3000 meter hoogte een serieuze jongen. Hoewel wij de top niet halen (en ook niet ambiëren met een vierjarige), merken we meteen dat het bij de berghut een stuk koeler is. We stoken het hout op, zitten eromheen en zijn moe en voldaan van de eerste dag. Als de kinderen bij het avondeten uitspreken waar ze die dag dankbaar voor zijn (een ritueel dat we dagelijks doen), zeggen ze dat dit één van de mooiste dagen van hun leven is.

Na een koude nacht vertrekken we de volgende ochtend vroeg voor de afdaling. We pakken een andere route die ons drie keer de rivier laat oversteken en ons leidt door een prachtig groen landschap. Ook de afdaling is geen makkie en we glijden allemaal wel een keer op onze kont. Om beurten hebben we het even helemaal gehad maar onder het luid meezingen van Disney klassiekers bereiken we het eindpunt. Wat een prachtige maar zware tocht! Apetrots op de kinderen die uren klommen en afdalen en daar gelukkig van kunnen genieten.

Dat trotse gevoel zetten we echter snel in perspectief. Tijdens de tocht komen we regelmatig meiden (de jongste elf jaar) tegen die met enorme bossen hout op hun hoofd naar beneden afdalen. Als één van de meiden even stopt om te pauzeren delen we onze pannenkoeken en vragen haar het hemd van het lijf. Ze vertelt dat ze iedere dag om drie uur opstaan om dan de berg in vier uur te beklimmen en het hout te verzamelen. De takkenbossen die ze vervolgens verzamelen wegen tussen de 60 en 100 kilo. De terugtocht duurt ook ongeveer vier uur. De bossen verkopen ze voor tussen de 1,50 en 2,00 euro. Ja, dat is ook het leven. Wij kiezen ervoor ons twee dagen lang in het zweet te werken. Zuchten en steunen soms en betalen een gids en drager om ons te begeleiden. Voor deze meiden is het beklimmen bittere noodzaak. De kinderen beseffen dat hun geklaag in deze context een schril contrast is.

We belonen onszelf die avond met pizza en rijden de volgende dag naar het meer. Onze eerste kennismaking met Lake Malawi, het grootste meer ter wereld. Nog geen 2 minuten na aankomst zitten de kinderen al bij Sewa (die ze nog kennen van ons verblijf in Blantyre vorige week) op de waterscooter. We verblijven twee dagen op deze prachtige plek waar we uitgenodigd zijn door Michiel. We wassen, doen school, werken en proosten op Africa Day op Afrika. Op de prachtige mensen, de mooie natuur, de welkome ontmoetingen en het feit dat we ons hier zo vrij kunnen voelen.

Terwijl Meindert rijdt, de kinderen luisteren naar de Audio 1 kinderpodcast, schrijf ik deze blog. We zijn onderweg naar Senga bay waar we uitgenodigd zijn door een Nederlandse familie. Met hen gaan we dit weekend met de nachtboot naar Likoma eiland middenin in Lake Malawi. Een nieuw avontuur wacht op ons.

Week 11 | Hello Malawi

Als ik vanuit het uitzichtpunt in het Majete wildlife reserve naar de auto loop hoor ik opeens iets in de bosjes ritselen. Iets in me zegt dat ik heel snel naar de auto moet. ‘Iedereen nu in de auto’, schreeuw ik. Vanuit de auto zien we het volgende moment een hyena uit de bosjes lopen. Uiterst relaxed, dat wel.

Oh Malawi, wat heb je ons hart al meerdere malen sneller laten kloppen. Het begon met de grensovergang van Mozambique naar Malawi. Zeker geen één tweetje. Heel erg officieel zijn de landsgrenzen van Malawi nog gesloten. Echter door meerdere verhalen van mensen die toch overland Malawi ingekomen zijn en doordat we zo ontzettend graag naar dit land toe willen, besluiten we de gok te wagen. Met onze geaccordeerde e-visa’s en negatieve PCR test melden we ons vroeg bij de grens. De eerste controle is de health officer die ons in een door Unicef gesponsorde tent op wacht. Kritisch bekijkt hij onze tests en gele boekje. De test is niet officieel gestempeld en volgens hem is onze polio vaccinatie verlopen. Ik moet lullen als Brugman, heel veel vriendelijk lachen en dan geeft hij ons eindelijk de benodigde stempel en verklaard ons gezond genoeg om het land binnen te gaan. Op naar de douane. Dit blijkt een lastiger verhaal. Keer op keer wordt ons verteld dat de grens dicht is en we terug moeten naar Mozambique. Na een paar uur wachten, opnieuw praten, lachen en de zelf geknutselde cadeautjes van de kinderen word ik door twee streng uitziende mannen een apart kantoortje mee ingenomen. Ze leggen me streng uit dat ze voor ons een uitzondering willen maken en met een tijdelijk visa (7 dagen geldig) mogen we Malawi in! Enige voorwaarde is dat we ons binnen een week melden bij het immigratie kantoor voor de officiële visa sticker in ons paspoort.

Extreem opgelucht en lichtelijk extatisch rijden we Malawi in. We zien direct het veranderende landschap. Goede wegen, kleur en bergen. In twee uur rijden we naar Blantyre, de zakelijke hoofdstad. We worden welkom geheten door Michiel waar we mogen verblijven totdat we ons officiële visa hebben. In een groene oase genieten we van onze eerste dagen in Malawi. Genieten we van de buitengewoon goede kookkunsten van Michiel en durven we voorzichtig een grove planning te maken voor de komende weken. Michiel laat ons de stad zien, neemt ons mee naar de enorme lokale markt waar we meer kopen en proeven dan ons lief is en zo wanen we ons de eerste dagen in een nieuw land.

We bezoeken Zomba, de oude hoofdstad van het voormalige Nyasaland dat bestond uit Malawi, een deel van Zambia en deel van Zimbabwe. Nog geen 60 km van Blantyre maar een compleet ander klimaat en omgeving. We rijden naar een uitzichtpunt op 2000 mtr hoogte en lopen via watervallen en de rivier terug naar beneden door een dik begroeid woud. Een prachtige tocht en groot avontuur voor de kinderen die behendig de rivier oversteken en zich over grote takken verplaatsen. We lunchen bij Casa Rossa, een plek die in Nederland vermoedelijk een andere functie had gehad, maar hier een overheerlijk Italiaans restaurant is. Dikke aanrader mocht je hier ooit komen.

En nu zijn we hier, middenin Majete wildlife reserve, twee uur ten zuiden van Blantyre en stonden we vanmorgen oog in oog met een hyena. Naast de hyena zagen we olifanten, een krokodil, nijlpaarden en talloze verschillende antilopen. We slapen in het park vannacht en maken ons op voor de volgende rit door het park op zoek naar de leeuwenwelpjes. Nu snel verder met het bakken van een nieuwe voorraad bananen pannenkoekjes voor onze altijd hongerige kinderen.